Terwijl ik zojuist heerlijk genoot van een kop koffie met een boel slagroom, vorderde ik gestaag in het maken van mijn opdrachten. Ik lees analyses that "suggest that scholars have too often mistaken separation of spheres and roles for seclusion and isolation", en dat men erkent dat er een evidente ambivalentie is ten aanzien van de vrouw in het oude Athene. Tevens dat het wezenlijke misverstand schuilt in de overtuiging dat reële invloed, zelfs als deze incidenteel zegeviert, ook in sociale relevantie vergelijkbaar is met opweegt tegen of als compensatie kan dienen van de demonstratief-manifeste machtspositie van de man. Razend interessant allemaal, in my humble opinion. Deze studie is tot nu toe zelfs nog geweldiger dan ik had kunnen bedenken – helemaal natuurlijk nadat we afgelopen donderdag de gelegenheid kregen oude bronnen te bekijken danwel in te zien. Kinderen! Ik zag een pagina uit een getijdenboek uit vijftienhonderdnogiets, met een afbeelding erop die zo helder was als was hij gisteren geschilderd. En, nota bene – Albrecht Dürer heeft zelfs meegewerkt aan die afbeeldingen. Daarvoor hoeft u niet naar een museum hoor, dat ziet u gewoon met een select groepje. Grijns. Verder hield ik pagina's in mijn handen die beschreven zijn in de 16e of 17e eeuw, en een klein boekje uit 1532 als ik het me goed herinner.
I won't keep rambling, maar laat ik het zo zeggen: wij zaten kwijlend op de eerste rij.
De reis is opzich goed te doen, maar niet altijd. Ik ben sowieso twee dagen in de week minimaal 12 uur achtereen weg van huis, terwijl ik slechts vier uur college heb. Ligt aan de tijd tussen die twee colleges in, maar dat ligt ook een klein beetje aan de verbinding. Ik kan er binnen een uur zijn, maar als ik pech heb duurt het 2 uur. Dientengevolge begin ik toch stiekem weer steeds meer te denken aan een kamer – een goedkope, oergezellige, fijne kamer. Nu 'm nog vinden.
In de afgelopen weken heb ik weinig met u gedeeld, waarde bloglezer. Hopelijk komt daar snel verandering in. Weet je wat het is? Ik kan geen afscheid nemen van deze blog. Ik heb al verschillende malen besloten dat ik volgende week deze blog officieel afsluit, maar daarna denk ik weer: Neeee, kom nou, dat is te vreemd en bizar om over na te denken: mijn blog weg! Noujá! en meer van zulk soort dingen. Ik denk dat ik gewoon de knoop door moet hakken. Denkt u ook niet?
Men heeft een week terug gezegd: nee, deze week komt het hopelijk goed. Maar dit duurt nu al drie weken, en ik word het zat. Ik ben gehecht aan bloggen, het is een stukje mij. Gek misschien, maar het is zo. Dat krijg je als je al vier jaar een blog hebt, en al bijna drie jaar dagelijks blogt. Maar ik laat het u weten, als ik ergens anders verderga. Want verdergaan doe ik sowieso.
Misschien is dit wel de laatste echte blog op deze site. Want als ik niet zomaar even tussendoor de wereld kan vertellen dat ik opnieuw neptante ben geworden van Danique, of als ik niet kan roepen dat ik zojuist plots een mini-appelkruimeltaartje heb gemaakt en dat 'ie heerlijk was, of als ik u ook al niet kan vertellen dat Roan al kan zingen van "Jona, Jona! Ga naar Ninevé!" en van zo veel meer. Ik kan niet gillen dat een enorm lieve mevrouw op dit moment ergens in Nederland een muts voor mij aan het haken is en twee andere klaar heeft liggen om naar mij te sturen waarna ik er weer één aan mijn schoonzus (dat klinkt heel oud, eigenlijk) geven. Ik kan eigenlijk alleen zoals nu, plots heel veel roepen en het naar de lief sturen die het dan, als hij thuis is want hij is volle dagen in Groningen, op mijn blog zet. And I just want this blog to stay as it was: filled with randomness posted on any time I'd like, without even me knowing what I'd post the next day, with unexpected comments from unexpectedly nice people from all over the world. So I guess I'm definately starting anew.